Carnavalspaspoort Karel Van de Winkel
Team Cultuur en evenementen 27 mei 2024
27 mei 2024

Carnavalspaspoort Karel Van de Winkel

PERSOONSGEGEVENS

– Naam: Karel Van De Winkel
(maar ze noemen me ook wel…..) Sjalen

– Woonplaats: Sint Jobstraat 129 bus 4, 9300 Aalst

– Burgerlijke staat: Ongehuwd

– Kinderen? Nee

– Geboortedatum: 29/05/1995

– Beroep: Software Developer

 

CARNAVALS-CV:

Ben je lid van een carnavalsvereniging?

Zoja, welke? En welke rol speel je in de carnavalsvereniging?
Ja, OLG Ageir. Als losse groep hebben we niet echt een vaste rolverdeling. Net als elk lid denk ik creatief mee en knutsel ik mee aan wagen en kostuum. Als er met woorden geknutseld moet worden, bijvoorbeeld voor een slogan of een stoetlied, neem ik vaak wel de touwtjes in handen.

Ben je (ook) op andere vlakken bezig met Aalst Carnaval?
Ik ben ook lid van het carnavalmuziekgroepje de Stoefkabassen. Daar schrijf ik de meeste nummers en zing ik ook enthousiast mee.

Wat is jouw eerst carnavalsherinnering?
Mijn ouders stelden ons huis altijd open tijdens de stoet voor Jan en alleman. Vrienden, familie, kennissen en zelfs toevallige voorbijgangers konden bij ons in de living opwarmen met een hapje en een drankje om vervolgens buiten verder te gaan kijken naar de stoet. In die living was natuurlijk ook steeds carnavalsmuziek aan het spelen. Ik weet nog dat ik als klein jongetje – toen misschien een jaar of 6 – enthousiast aan het meezingen was. Nadat ik luidkeels meegekweeld had “Weir zen goed in de grond, mor spreiken geiren oever dadada dadadadadada”, kreeg ik van een verkleed man in mijn living de schalkse vraag: “Wat betekent dat eigelijk, die ‘dadada’?”. Als klein jongetje stond ik daar plots stomverbaasd en moest ik heimelijk toegeven dat ik geen idee had waar Jean-Paul het over had.

Wat is je favoriete dialectwoord?
Da’s een moeilijke keuze. Ik zou eerst geneigd zijn om hier iets grappigs boven te halen. Het Oilsjters telt zoveel snuggere samenstellingen die zonder enige context genoeg zijn om een mens aan het lachen kunnen brengen. Maar ik ga toch voor een simpel kort woordje gaan: “Skippes”. Om een of andere reden vind ik dit een bijzonder leuk woord om uit te spreken. Het maakt dan ook steevast deel uit van mijn dagelijks taalgebruik.

Voor welke carnavalsfiguur heb je bewondering?
Ik schrijf zelf graag carnavalliedjes. Ik zette al pen op papier voor Ageir, voor de Stoefkabassen en nu ook voor deze campagne. Hierbij laat ik mij natuurlijk inspireren door vele Oilsjterse tekstschrijvers die mij voorgingen. Daar zitten ware artiesten tussen als je het mij vraagt. Het is bijna een onmogelijke vraag om er tussen te kiezen. Maar als ik één naam moet noemen, zal ik maar de schrijver en zanger noemen van het nummer dat ik met mijn compagnie het vaakst meegebruld heb “Den heimel op eerd”. Dat is Christophe Troch, de Floeren, toevallig ook de prins van mijn geboortejaar.

Wat is het absolute hoogtepunt van een carnavalseditie voor jou?
Er zijn natuurlijk de grote gebeurtenissen zoals de stoet of de popverbranding, waar ik altijd enorm van kan genieten. Maar ik denk eigenlijk dat ik nog het meeste plezier haal uit de kleinere momenten – de eigen kleine traditietjes die we opgebouwd hebben door de jaren. Zo is het in onze compagnie al zo lang ik me kan herinneren de gewoonte om op dinsdagochtend samen te barbecueën. We verzamelen bij een iemand thuis, we leggen een vleesje op en kunnen pronken met onze gekke nieuwe outfit voor de voil Jeanettenstoet. De vrienden één voor één zien toekomen – de ene al wat frisser dan de andere – en verwelkomen rond het vuurtje, daar kan ik op dat moment echt van genieten.

 

DE CAMPAGNE

Waarom wil je Prins Carnaval worden?
Plezier zal voor mij altijd centraal staan als het op carnaval aankomt. Zelf plezier beleven, maar ook anderen plezier bezorgen – dat is voor mij het belangrijkste aan carnaval. Dat deed ik vroeger al door mee te gaan in de stoet als losse groep en de mensen aan het lachen te brengen. Maar de voorbije jaren is dat op plezante wijze enorm geëscaleerd. Met de cafeikescarnaval mocht ik overal in Aalst met de tafelpoot gaan zwaaien. Het enthousiasme dat mijn onozeliteiten toen teweeg kon brengen bij iedereen rondom was geweldig om mee te maken. Daarna richtten we de Stoefkabassen op waarmee we mensen aan het dansen brachten en wederom veel mensen aan het lachen kregen. Een prinsencampagne voelt voor mij nu als een natuurlijke volgende stap. Het is nu al gebleken dat er met zo’n campagne veel plezier gemoeid is. Ik kijk dus al volop uit naar wat er nog komen zal.

Waarom nu?
Een idee kan maar zolang opborrelen, denk ik. Vroeg of laat moet het er eens uit. Het was op de vooravond van carnaval 2023 dat ik voor het eerst aan mijn vrienden zei dat ik zou willen opkomen. De prinsenkiezing voor 2024 leek net iets te kort op de bal. We beslisten toen dus prompt: “Sjalen ver 25”. Een dag later waren we het tijdens de stoet al aan iedereen aan het verkondigen.

Carnaval zit in ons DNA. Hoe komt dat bij jou tot uiting?
Ik denk dat dat bij mij vooral terug te vinden is in mijn gevoel voor humor. Ik kan plat liggen van het lachen bij een stomme woordspeling. En in mijn vriendengroep durven we elkaar wel eens al lachend door het slijk halen. Het lijkt mij geen toeval dat woordspelingen en spotdrijvingen nu net de zaken zijn die tot de beste carnavalthema’s leiden.

Hoe is je campagne tot nu toe verlopen? En hoe ga je je verdere campagne aanpakken?
Het zijn al drukke dagen geweest en iets zegt mij dat dit niet gauw gaat veranderen. Maar het zijn zeker ook al zeer leuke dagen geweest. Ik heb steun en enthousiasme mogen ontvangen uit verwachte én onverwachte hoeken. Dat heeft me al veel plezier gedaan. Ik ben ook zeer blij met wat ik met de campagne al naar buiten heb kunnen brengen. Als ik erin slaag om deze plezierige, creatieve sfeer gedurende heel de campagne voort te zetten, is het voor mij sowieso al een succes – of ik nu win of verlies.

Welke data moeten de carnavalisten in hun agenda noteren als ze jou willen steunen?
Op 8 juni organiseer ik in ’t Kapelleken een aperitiefconcert. Daar zal doorheen de dag live-muziek gebracht worden met een grote Oilsjterse insteek. Maar geen nood voor zij die niet aan een ticket geraken. ’s Avonds gaan de deuren open voor iedereen en kunnen jullie een dansje wagen op de afterparty – of het ‘achterfisjtjen’ zoals ik het genoemd heb. Op 21 september mag je met al je vrienden afzakken naar mijn campagnebal, Sjalen zen Baal. Van ’s middags tot ’s nacht plezier gegarandeerd. Verdere details worden later nog gedeeld, maar je kan alvast de datum vrij houden.

Wat maakt jouw campagne uniek?
Elke campagne is uniek. Een kandidaat steekt zijn eigen ervaringen en sterktes in zijn campagne. Dat is net wat de prinsenkiezing boeiend houdt. Ik ben een muzikant. Dus in mijn campagne geef  ik muziek een grote rol, onder andere ook live muziek. Een trompetje bovenhalen en de mensen ermee aan het zingen brengen, voelt voor mij als carnaval van weleer. Dat gevoel neem ik graag mee naar de verkiezing. Verder ben ik mijn leven lang al lid van een losse groep. Dat is voor een kandidaat eerder atypisch. Dat tekent niet mijn hele campagne, maar heeft natuurlijk wel invloed op hoe ik sommige dingen aanpak.

Heb je een originele visie op wat carnaval kan/moet zijn en welke rol een prins hierin speelt?
Een prins is een carnavalist net als iedereen, maar hij komt met carnaval natuurlijk meer in de spotlight te staan dan de gemiddelde Aalstenaar. Hij geeft op die manier een voorbeeld van hoe hij zijn carnaval graag viert. Het is aan de andere carnavalisten om te beslissen of ze dat voorbeeld willen volgen. Want carnaval blijft altijd een volksfeest. Ik denk niet dat carnaval activisten nodig heeft, die de mensen komen zeggen wat het MOET zijn. Door de jaren heen is carnaval al veel veranderd en het zal nog veel veranderen. Maar ik vertrouw erop dat de Aalstenaar de spirit van carnaval steeds zal behouden en dat de volgende prins hier een goed voorbeeld in zal stellen.

Wat weet je over je tegenkandidaten? Welke boodschap wil je hen meegeven?
Het is leuk om te zien dat elke tegenkandidaat met z’n eigen sterkte naar de kiezing stapt. Bij toeval lijken we elk uit te blinken in een ander aspect van carnaval. Dat kan niets anders betekenen dan dat het een spannende wedstrijd zal worden. Het zijn stuk voor stuk sympathieke kerels die het beste van zichzelf zullen geven om de scepter mee naar huis te mogen nemen. Ik kijk er alvast naar uit!

Stel dat je Prins Carnaval Aalst wordt, hoe ga jij dan je stempel drukken op onze volgende carnavalseditie?
Ik kan oprecht genieten van live-muziek. Ik zou het zeer leuk vinden als dat weer een grotere rol zou gaan spelen met carnaval, net als weleer. Daarin stel ik dan graag het voorbeeld. Net als in mijn campagne zou ik als prins ook regelmatig mijn trompet eens bovenhalen. Maar de hoofdzaak blijft plezier maken en veel plezier bezorgen! Ik zal carnaval vieren op mijn manier, zoals ik dat graag doe. Ik zal me amuseren. En dan hoop ik dat ik mijn plezier kan uitstralen naar elke carnavalist.

Team Cultuur en evenementen